Strafrecht. Verdachte heeft zes zeer jonge slachtoffers (5 tot 13 jaar) die aan zijn zorg waren toevertrouwd, seksueel misbruikt. Ten tijde van het begaan van de delicten bestond bij verdachte een gebrekkige ontwikkeling dan wel ziekelijke stoornis van de geestvermogens. De slachtoffers krijgen een vergoeding betreffende immateriële schade. Ook de betrokken ouders hebben recht op smartengeld (€ 1.500 per ouder); nog daargelaten of voldoende is gesteld om te kunnen komen tot toewijzing uit hoofde van ‘affectieschade’, acht de rechtbank gezien de geschonden norm en de ontwrichting van het gezinsleven die het gevolg is geweest van het handelen van verdachte, toekenning aan de ouders van smartengeld ex artikel 6:106 aanhef en sub b BW (aantasting in de persoon op andere wijze) op zijn plaats.
Rechtbank Noord-Nederland (Locatie Assen), 24-05-2022