Overheidsaansprakelijkheid. Artikel 2 EVRM is jegens gedetineerde geschonden. De schending van een recht jegens de nabestaanden bestaat alleen daarin dat het nationale recht geen mogelijkheden tot het vorderen van immateriële schadevergoeding voor hen biedt. Aangezien appellanten onvoldoende hebben onderbouwd dat de plotselinge tragische dood van de gedetineerde bij hen behalve leed en verdriet ook een ernstig trauma, wanhoop of angst heeft veroorzaakt, acht het hof dit alles overziend een verklaring voor recht dat de Staat jegens appellanten aansprakelijk is voor de door hen geleden immateriële schade ‘an appropriate form of redress in itself’.
Gerechtshof Den Haag (Locatie 's-Gravenhage), 05-11-2019