Strafrecht. De verdachte heeft van een korte afstand meerdere keren geschoten op drie ongewapende slachtoffers. Als gevolg hiervan is een van de slachtoffers overleden. De verdachte heeft dit slachtoffer zes keer geraakt. Daarnaast heeft de verdachte geprobeerd om de andere twee slachtoffers te doden. De verdachte heeft met zijn handelen het leven van deze slachtoffers op ernstige en onaanvaardbare wijze in gevaar gebracht. Dat zij het hebben overleefd is een gelukkige omstandigheid die niet aan het handelen van de verdachte is te danken. Het is uiterst kwalijk dat hij zijn problemen met de slachtoffers heeft beslecht door het gebruik van een vuurwapen. Deze keuze van de verdachte heeft ernstige, blijvende gevolgen voor het lichamelijk en geestelijk welzijn en functioneren van de slachtoffers. Zo is een slachtoffer in haar borst geraakt en heeft de kogel dusdanige schade aangericht dat haar milt moest worden verwijderd en zij een incomplete dwarslaesie heeft opgelopen. Ze kan, met hulpmiddelen, kleine afstanden lopen en voor langere afstanden is ze afhankelijk van een rolstoel. Daarnaast heeft de verdachte drie kogels afgevuurd op het andere slachtoffer. Hij is geraakt in zijn been, bovenarm en schouderblad. Hij heeft een complete dwarslaesie opgelopen. Er is sprake van totale verlamming en gevoelsverlies van beide benen. Hij zal nooit meer kunnen lopen en is voor de rest van zijn leven volledig afhankelijk van een rolstoel. Het mannelijke slachtoffer heeft € 200.000 aan smartengeld, € 35.000 aan shockschade, € 15.000 aan affectieschade en € 52.141,26 aan materiële schade gevorderd. Het vrouwelijke slachtoffer heeft dezelfde bedragen gevorderd. Daarnaast hebben twee benadeelde partijen zich ook gevoegd, zij vorderen beide een vergoeding van € 20.000 en € 15.000 aan shockschade. Tot slot hebben ook drie nabestaanden van het overleden slachtoffer zich gevoegd. Naast de materiële schade vorderen twee nabestaande affectieschade. Omtrent de materiële schade van het mannelijk slachtoffer oordeelt de rechtbank dat een bedrag van € 87.981,43 zal worden toegewezen. Ten aanzien van de gevorderde immateriële schade oordeelt de rechtbank dat met inachtneming van het letsel, in deze zaak een schadevergoeding van € 200.000 billijk is. Het mannelijke slachtoffer heeft ook een vergoeding van de affectieschade ingediend omdat hij al een lange tijd een nauwe en persoonlijke relatie had met het vrouwelijke slachtoffer. De rechtbank is van oordeel dat de nauwe persoonlijke relatie als bedoeld in artikel 6:107 lid 2 sub g BW voldoende is komen vast te staan. Het gevorderde bedrag van € 15.000 is in overeenstemming met het Besluit vergoeding affectieschade, dit bedrag wordt toegewezen. De rechtbank is ook van oordeel dat het mannelijke slachtoffer aanspraak kan maken op vergoeding van de shockschade. Ondanks dat de hechte en affectieve relatie met het overleden slachtoffer niet is komen vast te staan, is er wel sprake van zo’n relatie met het vrouwelijke slachtoffer. Uit de stukken blijkt dat er sprake is van een forse PTSS. De rechtbank oordeelt dat in deze zaak een schadevergoeding van € 25.000 billijk is. Voor het vrouwelijke slachtoffer zal de rechtbank ten aanzien van de gevorderde materiële schade een bedrag van € 44.977,13 toewijzen. Voor de immateriële schade acht de rechtbank een bedrag van € 150.000 billijk. Voor het vrouwelijke slachtoffer acht de rechtbank voor de affectieschade en de shockschade hetzelfde bedrag als bij het mannelijke slachtoffer billijk. De rechtbank oordeelt dat voor de benadeelde, de zus van het slachtoffer, een schadevergoeding van € 10.000 aan shockschade billijk is. De rechtbank is van oordeel dat de tweede benadeelde, de partner van de zus, geen aanspraak kan maken op een vergoeding van shockschade, omdat een hechte en affectieve band met de slachtoffers in de zin van reeds genoemde jurisprudentie onvoldoende is onderbouwd en ook anderszins niet is aangetoond. Ten slotte wordt de gevorderde affectieschade van de nabestaande van het overleden slachtoffer volledig toegewezen.
Rechtbank Midden-Nederland (Locatie Lelystad), 13-02-2026